Naast SSB en CW kunnen we ook digitale modes gebruiken. Er bestaan tientallen verschillende modes waaronder RTTY, HELL, PSK31, MT63, AmTOR etc, etc.
Vroeger werden er voor RTTY en HELL telkens aparte machines gebruikt die zeer veel geld kostten en daardoor waren digitale modes voor weinigen voorbehouden.
Door de ontwikkelingen van de laatste jaren gebruiken we nu de computer met een geluidskaart voor de digitale modes. Daardoor zijn er enerzijds veel meer gebruikers van de digi-modes, en anderzijds zijn er veel nieuwe modes bijgekomen.
Het grote voordeel van deze nieuwe modes, waarvan PSK31 wel de bekendste is, is dat ze zeer gevoelig zijn. Als men een signaal nauwelijks kan horen in de ruis, is het nog altijd mogelijk om een goede ontvangst te hebben. Op deze manier kunnen QRP-stations met slechts enkeleWatt's zonder probleem de wereld rondwerken.
* hoge gevoeligheid, dus weinig vermogen nodig
* zeer betrouwbare communicatie, goed bruikbaar bij veel QRM/QRN
* zeer smalbandig. Er kunnen zeer veel stations op een heel klein stukje frequentieband
* foutcorrectie kan gebeuren, hetgeen niet lukt met bvb. CW
* digitale modes zijn zeer bruikbaar voor amateurs met gehoorproblemen en/of spraakproblemen
* portabel of mobiel gebruik is niet gemakkelijk
* het kan duur zijn want we hebben een PC en software nodig. De meesten hebben wel een PC en voor iedere mode bestaat er wel een free-ware programma dat we gratis kunnen gebruiken
* PC's kunnen aardig wat storen op HF. (tip : een laptop zal vrijwel altijd minder storen dan een desktop!)
* bij onstabiele propagatie kan de communicatie soms meer beïnvloed worden dan als we SSB gebruiken.
* voor sommige modes moeten we exact op frequentie staan en mogen zender en ontvanger zeer weinig drift of onstabiliteit hebben
Om met digitale modes te werken hebben we een naast onze computer en transceiver een middel nodig om deze 2 met elkaar te verbinden. Dit doen we met een soundcard-interface. Deze heeft 2 of 3 doelen
* de audio van de ontvanger aanbieden in de ingang van de soundcard om bewerkt te worden
* de computer gegenereerde audio aan de (microfoon)ingang van de transceiver aanbieden
* zorgen dat de TRX omschakelt van TX naar RX en omgekeerd als de TRX geen VOX heeft. Hiervoor gebruiken we niet de eigenlijke soundcard, maar sturen we een transistor of opto-coupler vanuit een seriële poort.
De twee audio-kabels kunnen we rechtstreeks verbinden tussen TRX en PC maar dit geeft vaak problemen en zelfs kapotte soundcards. Om interferenties en grondlussen te vermijden zorgen we ervoor dat alles galvanisch gescheiden is. Daarom plaatsen we tussen de ingangen en uitgangen telkens een audio-trnasformatortje. Dit is een transfootje van 1:1 met (meestal) een impedantie van 600 Ohm. We kunnen deze vinden in oude telefoonmodems.
Voor het eigenlijke schakelen tussen RX en TX gebruiken we een opto-coupler. Op die manier is ook hier de PC galvanisch gescheiden van de TRX.
De gebruikte schakeling voor de soundcard-interface

Gezien er zeer veel software is en een onuitputtelijk aantal modes zal ik enkel de modes bespreken die ikzelf gebruik.
Dit is een al zeer oude digitale mode en eigenlijk niet meer van deze tijd. Er zijn veel gevoeligere modes maar RTTY word nog veel gebruikt tijdens DX-pedities en contesten. We kunnen er dus niet omgeen. Voor RTTY gebruiken de meeste amateurs tegenwoordig het gratis programma MMTTY.
Dit is een zeer gevoelige mode. Als men in PSK 31 wekt er zeker voor zorgen dat men met niet meer dan 30 Watt uitzend. Meer is echt niet nodig om gemakkelijk de wereld rond te werken. Een veel gebruikt programma is DIGIPAN. Zelf gebruik ik echter PSK31 DELUXE. Dit programma heeft het voordeel dat men terzelfdertijd 20 verschillende signalen kan bekijken. Daaruit kiest men dan een station dat men wenst te werken. Ideaal om DX te zoeken zonder continue aan de tuning knop van de RX te moeten draaien!!